Dagje weg: Luik


Weinig mensen weten dat Luik (Frans: Liège) is genoemd naar een rivier, de Legia. Die rivier is in de stad onzichtbaar, ze stroomt ondergronds naar de Maas. Die rivier is nu de levensader van de stad, overspannen door vele bruggen. Luik is de hoofdstad van de gelijknamige Belgische provincie. Halverwege de 20e eeuw was Luik het centrum van mijnbouw en staalindustrie die Wallonië tot welvaart brachten. De economische problemen, die later in de eeuw het gevolg waren van de vermindering van het belang van mijnbouw en staalindustrie, hebben hun effect op de omgeving van Luik niet gemist. Luik telt anno heden ruim 190.000 inwoners waarmee het naar inwonertal de vijfde grootste gemeente in België is. De bijnaam van de stad is La Cité Ardente of De Vurige Stede. Deze is afgeleid van de gelijknamige historische roman van Henri Carton de Wiart uit 1904.
Vele eeuwen lang, tot 1795, werd Luik geregeerd door prins-bisschoppen. Het prinsbisdom Luik strekte zich uit over het grootste deel van de huidige provincie Luik en de zuidelijke helft van de huidige provincie Namen. Bovendien verwierven de bisschoppen van Luik in 1366 ook het graafschap Loon, dat grotendeels samenvalt met de huidige Belgische provincie Limburg. De stad Luik was de voornaamste van de 23 Goede Steden van het prinsdom. In 1794 hebben burgers van de stad Luik, die verbolgen waren over het autoritaire optreden van hun bisschop, zodra de stad door de Franse revolutie-legers was veroverd, de gotische Sint-Lambertuskathedraal gesloopt. De lege plaats daarvan vormt de huidige Place Saint-Lambert. Onder dit plein zijn na archeologische opgravingen de fundamenten van de kathedraal en een romeinse villa blootgelegd. Deze zijn met een gids te bewonderen. Naast dit grote plein ligt de Place du Marché, ook wel de Grote Markt genoemd, omzoomd door fraaie huizen met 17de-eeuwse gevels. Aan de Place de la Cathédrale staat de kathedraal Saint-Paul. Oorspronkelijk uit de 10de eeuw, maar in de 13de eeuw herbouwd. In de 19de eeuw kreeg de kerk zijn huidige neo-gotische uiterlijk.

Het stadsbeeld wordt bepaald door twee heuvels: de 100 meter hoge heuvel van de Publémont, waarop de Sint-Maartenskerk staat, en de citadel. Daar ook is de ‘Montagne De Bueren‘. Dit is een kaarsrechte trap die met maar liefst 374 treden vanuit het centrum van de stad naar de Citadelle leidt. Beslist een aanrader voor wie de ‘Vurige Stede’ eens bezoekt. De binnenstad bestaat uit nauwe straatjes en kleine pleinen, die vaak autovrij zijn. Centre Carré – op de linker Maasoever – is het kloppend handelscentrum van de stad. Letterlijk betekent Carré vierkant, en als je kijkt naar de stuctuur van de straten in deze wijk is duidelijk waarom. Le Carré in de wijk L’Île is dan ook dé uitgaansbuurt van Luik; men vindt er vele bars, cafés, restaurants en terrassen. Wie hier rondloopt, vergeet dat er rond het centrum grauwe industriewijken bestaan. De naam L’Île verwijst overigens naar het eiland dat hier ooit was, gevormd door de Maas en een zijarm van die rivier die in de 19de eeuw werd gedempt. De Rue du Pot d’Or loopt als een ader door de wijk die wordt omzoomd door Boulevard de la Sauvenière. Samen met Vinâve vormt de Rue du Pot d’Or tevens de hoofdwinkelstraat van de stad. Dag en nacht is er volop levendigheid in deze wijk. Overdag zijn het de vele shopaholics die met overvolle tassen het straatbeeld bepalen, terwijl ’s avonds een jong publiek met name de straten rond rue Tête-de-Boeuf bezetten en er een van de vele kroegjes bezoeken. Aan de zuidkant van Le Carré vind je het gezellige Place de la Cathédrale, een plein met leuke horecazaken dat doorgaans goed in de bloemetjes wordt gezet. Overigens worden de perkjes in het midden van het plein jaarlijks vrijgemaakt voor een sfeervolle ijsbaan in de winter. De Cathédrale Saint Paul is onlosmakelijk aan dit plein verbonden. Een andere leuke winkelstraat in dit stadsdeel is de Rue Saint Paul, waar originele restaurantjes zich afwisselen met overheerlijke delicatessenzaakjes. Verder is er nog de sfeervolle en authentieke wijk Coeur Historique.
Het gebouw van het Musée d’Art Wallon ziet er bepaald onaantrekkelijk uit. Voor geïnteresseerden in Waalse schilderkunst is dit museum echter een must. Er hangen werken van Lombard, Defrance, Delvaux en Magritte.

Station Luik-Guillemins is het belangrijkste spoorwegstation van de stad Luik. Het station ligt op het einde van verschillende spoorlijnen. Dit nieuwe station is gemaakt van staal, glas en wit beton, en beschikt over een monumentale overkapping van 200 m lang en 35 m hoog. Feestelijke opening vond plaats op 18 september 2009.
Naar Luik kunt u met de auto. Maar veel leuker is het met de trein vanuit Melreux-Hotton. U maakt een reis van meer dan een uur door de Ourthevallei. Uitstappen in station Liège-Palais. Dit treintje is een 2-uursdienst.

  Gemakkelijk te bereiken vanuit onze vakantiehuizen in de Belgische Ardennen.

Reacties zijn gesloten.